Twee wetten, twee doelen
De Wet Ketenaansprakelijkheid (WKA) is opgenomen in de Invorderingswet 1990. Het doel is de overheid beschermen: als een onderaannemer de loonheffingen over zijn werknemers niet betaalt, kan de Belastingdienst aankloppen bij de hoofdaannemer. De WKA gaat dus over aansprakelijkheid voor loonheffingen.
Btw verlegd (de verleggingsregeling) is gebaseerd op artikel 12 van de Wet op de omzetbelasting 1968. Het doel is btw-fraude tegengaan: in plaats van dat de onderaannemer de btw int en afdraagt, doet de opdrachtgever dat. Btw verlegd gaat dus over wie de omzetbelasting afdraagt.
Wanneer geldt de WKA?
De WKA is van toepassing als aan drie cumulatieve voorwaarden is voldaan:
- —Er is sprake van aanneming van werk (uitvoering van een werk van stoffelijke aard, zoals bouw, installatie of schilderwerk).
- —De onderaannemer heeft personeel in dienst — hij heeft dus loonheffingen te betalen.
- —Het werk wordt uitgevoerd in Nederland.
Een zzp'er zonder personeel valt buiten de WKA. Hij heeft geen werknemers en dus geen loonheffingen. Daarmee is er ook geen ketenaansprakelijkheidsrisico voor de hoofdaannemer in de loonheffingssfeer.
Wanneer geldt btw verlegd?
De verleggingsregeling voor de bouw geldt als aan twee voorwaarden is voldaan:
- —Er is sprake van aanneming van werk aan een onroerende zaak (bouw, renovatie, onderhoud, installatie).
- —De opdrachtgever is een btw-ondernemer die zelf ook bouwdiensten verricht of inleent.
Bij btw verlegd maakt het niet uit of de onderaannemer personeel heeft. Ook een zzp'er die bouwdiensten levert aan een btw-plichtige hoofdaannemer moet 'btw verlegd' op zijn factuur vermelden. Er is geen loonheffingsrisico (geen WKA), maar de btw-verleggingsregeling geldt wél.
Wanneer gelden ze samen, en wanneer apart?
Onderstaand overzicht laat zien hoe de twee regelingen zich tot elkaar verhouden:
De regelingen lopen in de meeste gevallen parallel — maar zeker niet altijd. Controleer ze altijd afzonderlijk.
Wat betekent dit voor de factuur?
Als alleen btw verlegd geldt (zzp'er zonder personeel), vermeldt de onderaannemer 'btw verlegd' op de factuur met het btw-nummer van de opdrachtgever. Er is geen G-rekening of aanmelding bij de Belastingdienst vereist in het kader van de WKA.
Als ook de WKA van toepassing is (bedrijf met personeel), gelden aanvullende verplichtingen: de hoofdaannemer mag 25% van de factuursom storten op de G-rekening van de onderaannemer ter dekking van de loonheffingen. Daarnaast kan de hoofdaannemer een Verklaring betalingsgedrag opvragen bij de Belastingdienst.
Gebruik de WKAcheck om in vier vragen te bepalen of de WKA en/of btw verlegd van toepassing zijn.
Start de check →Samenvatting
- —WKA = aansprakelijkheid voor loonheffingen; geldt alleen bij bedrijven mét personeel.
- —Btw verlegd = omzetbelasting wordt verlegd naar de opdrachtgever; geldt ook voor zzp'ers.
- —Ze gelden vaak samen, maar niet altijd — beoordeel ze altijd afzonderlijk.
- —Een zzp'er zonder personeel: btw verlegd wél, WKA niet.
- —Particuliere opdrachtgever: btw verlegd nooit, WKA kán gelden.